Over meningen en het gebrek daar aan…

Er was een tijd dat ik serieus ambities koesterde om politiek actief te zijn – ik ben zelfs een keer kandidaat geweest voor de gemeenteraad in m’n woonplaats. Ik volg plaatselijke, provinciale en landelijke politiek al sinds m’n twaalfde, waarschijnlijk ingegeven door de politieke activiteiten van mijn vader, die me al vroeg meenam op naar gemeenteraadsvergaderingen in m’n geboorteplaats. Ik volg de politiek nog steeds met meer dan gemiddelde interesse, maar m’n drang om me er zelf in te mengen is de afgelopen jaren sterk afgenomen.

Het probleem is niet dat ik moeite heb met het feit dat je in politiek (op welk niveau dan ook) compromissen moet sluiten, dat je soms idealen in de wachtkamer moet zetten om te kunnen onderhandelen. Ik snap dat we in een meerpartijen-stelsel leven, dat nooit 1 partij de absolute meerderheid zal hebben en dat er altijd coalities gevormd zullen moeten worden. Eigenlijk ben ik er zelfs heel blij om dat dat zo is, al was het maar omdat ik nog nooit een partij heb gevonden waar ik het echt helemaal mee eens ben. Wanneer ik een stemwijzer invul, scoor ik bij geen enkele partij ooit hoger dan 60%. Ik zit altijd aan de linkerkant van het politieke spectrum maar ik ben te idealistisch voor de PvdA, te pragmatisch voor GroenLinks en te individualistisch voor de SP.

Mijn demotivatie met politieke activiteit heeft te maken met de verandering die politiek de afgelopen jaren heeft doorgemaakt, gekoppeld aan een verandering die kiezers simultaan daaraan hebben doorgemaakt. In mijn optiek stel je jezelf kandidaat voor een politiek ambt omdat je een beeld voor ogen hebt van wat je in die functie wil bereiken, een droom over je stad, provincie of land en een helder idee over hoe jij een bijdrage zou kunnen leveren aan het waarmaken van die droom. In mijn idee heb je die droom voor alle burgers, en niet alleen voor jouw familie, jouw vrienden of de mensen van jouw religie of achtergrond. Als ik een politicus hoor praten over zijn beeld van Nederland, wil ik graag dat dat gaat over alle Nederlanders, jong en oud, rijk en arm, blank en zwart.

Maar dat is volgens mij niet meer waar politiek om gaat – althans niet bij de mensen die ik de laatste tijd op TV zie of waarover ik lees in de krant. Ik zie politici die niet zelf iets vinden, maar die napraten wat media-adviseurs ze vertellen. Ik zie mensen die eerst weken marktonderzoek laten doen voor ze bepalen welk standpunt ze gaan verkopen. De moderne politicus wil nog maar 1 ding en dat is verkozen worden.

En het ergste is: het is niet eens de schuld van de politici. Het is onze schuld. Wij, de kiezers, zijn verkiezingen gaan bechouwen als een uitstapje naar de supermarkt. We wandelen rond en baseren onze beslissing op wat er in de aanbieding is en welke partij de meest pakkende reclame heeft. Er zitten op dit moment twee partijen in de Tweede Kamer die groot zijn geworden vanuit die filosofie: de PVV en de SP. Beide partijen die heel slim hebben gezocht naar een groep mensen die zich (al dan niet terecht) ondervertegenwoordigd voelden, hebben bepaald welke boodschap die mensen willen horen en hoe ze hem willen horen, om vervolgens precies dat te bieden wat er gevraagd werd.

Ik wil graag geregeerd worden door mensen die slimmer zijn dan ik. Ik snap bijvoorbeeld geen drol van economie, dus daar wil ik geen beslissingen over nemen. Voor mijn gevoel betekent dat dat als ik iets denk over de economie wat niet klopt, dat een politicus de ballen zou moeten hebben om me uit te leggen hoe het wel zit. Maar op het moment zien we overal ter wereld politici die dingen verkondingen niet omdat ze waar zijn, maar omdat hun kiezers dat vinden. Partijen negeren hele groepen kiezers omdat ze “niet tot hun achterban behoren”.

Mijn idee van politiek is dat je jezelf kandidaat stelt en vervolgens de straat op gaat om mensen over je ideeen te vertellen en van je gelijk te overtuigen. Maar de huidige politici praten alleen nog maar met de mensen waarvan ze al weten dat ze aan hun kant staan en passen hun standpunten aan aan de waan van de dag onder hun kiezers. Daarom laat Wilders zelden z’n neus zien bij een debat: er is niks te halen voor hem. Hij doet toch geen moeite om stemmers van andere partijen te overtuigen. Hij is alleen gericht op het activeren van zijn eigen achterban en die hebben genoeg aan de 140 tekens die Twitter te bieden heeft.

Als ik politicus was, zou ik campagne voeren in buurten waarvan ik verwacht dat er geen mensen wonen die op me willen stemmen. Dat zijn immers de mensen die ik er van zou willen overtuigen dat mijn ideeen goed zijn. Daarom vind ik dat de PvdA en GroenLinks met ondernemers om de tafel zouden moeten gaan zitten… en juist de buurten in zouden moeten gaan waar stapels PVV-stemmers wonen. Want als je een visie hebt over hoe een beter Nederland er uit zou moeten zien, dan ga je juist praten met mensen die die visie NIET delen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *